PJ's opinion. My side of the story, my 15 minutes of fame.

17 februari 2014

Beste redacties, kweek uzelf hybride journalisten

Sofie Marguillier vat in haar blogpost over haar ontslag perfect samen wat er foutloopt op Belgische nieuwssites. Snel, verstand op nul, geen diepgang en vooral clicks genereren. Dat samen met een zeer vreemde uitspraak over online media doet mij één ding afvragen:

Waarom laten we zoveel jong webtalent onbenut?

De doorsnee webredacteur komt nauwelijks buiten. Sommigen hebben daar geen probleem mee. Maar voor wie met grote ambities in de media stapte heeft dat twee gevolgen. Hij of zij raakt totaal ontmoedigd en haakt na enkele jaren af. Of je gaat er in mee en ontplooit buiten je verzin-eens-een-wtf-titel weinig extra capaciteiten.*

Van centen heb ik te weinig verstand. Maar het staat buiten kijf dat print nog niet dood en online nog niet winstgevend is. Twee redenen om hybride journalisten te kweken die het ritme kennen van een online nieuwsdag, maar tegelijk de ervaring hebben om door de waan van de dag te kijken en stukken te schrijven die een meerwaarde bieden. Of die stukken online, op print, gratis of tegen betaling verschijnen laat ik in het midden.

Laat jonge journalisten beginnen op de website. Maar geef ze een perspectief om te experimenteren en door te groeien. Laat ze beginnen in de tsunami van relevante en irrelevante nieuwtjes, laat ze snel en kort op de bal werken. Maar geef ze regelmatig de ruimte om dat beetje extra te doen en wat te experimenteren met nieuws zodat ze het verschil tussen een copypaste-stuk en een eigen artikel (en soms een scoop) leren kennen.

U begrijpt waar ik naartoe wil: door je webredacteurs genoeg kansen te geven, al is het maar door ze één keer per maand naar een persconferentie of een interview te sturen, doen ze een pak ervaring op. Tegelijk voorkomt het dat je jonge krachten afhaken of ten onder gaan aan een burn-out, een bore-out of een algemene afkeer van wat online journalistiek vandaag in realiteit is: een vuilbak waar meer wordt gekopieerd dan zelf geschreven.

En wat nadien?
Het eindresultaat kan een redactie zijn die naadloos crossmediaal werkt en naarmate ze langer bestaat meer ervaring krijgt en ook een netwerk en vakkennis opdoet om kwaliteit te kunnen leveren. Op dat moment heb je een journalist met de skills van een webredacteur, maar met de kwaliteit van een 'klassieke' journalist. Een aanwinst die op elke redactie gewenst is, want op sommige redacties is het water tussen print en online nog steeds zeer diep.

--
(U was gehaast? Geen probleem, hier stopt de essentie. De rest zijn aanvullingen en disclaimers.)

Zelf heb ik een vergelijkbare kans gehad. Toen ik in 2007 begon bij ZDNet.be schreef ik enkel voor de website. Misschien maar goed want ik heb evenzeer op een lui moment me geworpen om berichten die achteraf gezien amper nieuwswaarde hadden. Maar ik kreeg er wel de kans om af en toe te experimenteren en tijd te steken in kwaliteit. Een beetje nabellen, wat dingen uitzoeken, controleren en zo op termijn zelf op zoek te gaan naar nieuws. Dingen die bij een aantal nieuwssites ongetwijfeld als tijdverspilling en 'niet uw job' zouden worden bestempeld.

Het zijn die dingen die mij de passie voor de job hebben bezorgd. Ook vandaag bij Data News werk ik grotendeels voor de website, een leuk medium waar het lekker snel kan gaan. Maar wel afgewisseld met 'papieren' artikels waar je meer tijd in steekt en op lange termijn meer ervaring uit haalt. Ik heb zelf geen ambitie om ooit volledig van online weg te gaan. Maar wel om mezelf te blijven verbeteren en dat kan je niet als je vasthangt aan één medium met één redactionele stijl.

Ik besef overigens goed dat de meeste nieuwssites wel degelijk stukken brengen die kwalitatief verantwoord zijn. Politieke of economische berichtgeving is er op de meeste sites wel, maar ze wordt amper aangeklikt en dus staat de twerk van Miley Cyrus prominenter dan de beslissing over wetsontwerp X dat het voorsorteren van plastic botervlootjes moet vereenvoudigen. Maar ik ben er wel van overtuigd dat online media een gulden middenweg kunnen vinden naarmate er meer hybride journalisten rondlopen die er voor kunnen zorgen dat die kwaliteitsvolle berichten evenzeer goed worden gelezen.

*Mijn excuses tot slot als ik hier enkele webredacteurs op hun paard jaag door hun job als saai en weinig uitdagend te omschrijven. Dat is mijn perceptie over iemand die 5 dagen per week Belga's online zet en stukken schrijft op basis van Reddit, Buzzfeed of twitterende bv's. Maar als dat uw ding is dan heb ik daar uiteraard alle respect voor. Het is alleen niet iets wat ik zou willen doen en het is, ondanks de lezers die het oplevert, niet iets wat alle webredacteurs horen te doen.

07 januari 2014

5 redenen waarom ik (g)een fan ben van Newsmonkey.be

Helaas beste lezers. U bent gefopt door de catchy headline. Dit is een droge brok lap tekst maar u heeft geklikt en u weet waar ik naartoe ga.

Binnen twee dagen lanceert Newsmonkey.be en dat was de afgelopen maanden vooral te merken aan andere krantensites. Het was al enigszins in opmars maar sinds kort worden we overspoeld door de meest aanklikbare titels die je maar kan bedenken. Lijstjes met "de tien meest...", koppen als "dit is wat een vrouw doet als ze" en "je gaat nooit raden wat...". Je zou bijna gaan denken dat de meeste mediasites in Newsmonkey de bevestiging hebben gekregen dat dit de enige en juiste manier is om een nieuwssite te vullen. Of beter gezegd: om lezers zo veel mogelijk kliks te doen genereren.

Bij Newsmonkey mogen ze zich nu al op de borst kloppen dat ze die trend definitief in gang hebben gezet, nota bene door alleen maar te zeggen dat ze het gaan doen. Al vraag ik me ook af of dit niet in hun eigen nadeel zal werken. Een nieuwe naam in het medialandschap heeft doorgaans enkele jaren nodig om een publiek op te bouwen, zelfs bij een website ben je er minstens een jaar aan kwijt. Daar tegenover staan gevestigde waarden als Standaard.be, HLN.be, Knack.be of Hbvl.be. Hoewel je je soms vragen kan stellen over de redactionele verschillen tussen website en krant, hebben deze namen wel een fysiek verlengstuk en die aanwezigheid mag je niet onderschatten. Om  het anders te zeggen: het heeft een paar jaar geduurd voor mijn moeder wist voor welke website ik tot vorig jaar schreef, maar ze wist perfect welke bladen daar nog werden uitgegeven.

Nice to know Vs. Need to know
Mijn grootste vrees voor Newsmonkey.be is dat de site wordt bedolven door concurrenten die dezelfde Buzzfeed-stijl gaan hanteren. Leuke content, topentertainment maar voor 95% stukken met een nieuwswaarde die het niveau van de gesprekken bij de kapper niet overstijgen. Newsmonkey heeft zelf al verklaard dat het niet mikt op hard nieuws. Wel op social shareable content, de "nice to know", niet de "need to know." De vraag is of er ruimte is voor meerdere sites van deze aard.

Mijn grootste vrees voor bestaande nieuwssites is van dezelfde aard: dat ze ook die stijl opgaan en hun nieuws naar de achtergrond schuiven. Na zeven jaar te werken voor (tech)nieuwssites weet ik hoe verleidelijk het is om voor een quick win te gaan. Bestaande inhoud herkauwen, pageviews halen met lijstjes of tips. Dingen die zeker hun bestaansrecht hebben, maar op lange termijn niet het verschil maken. Als nieuwssites hun focus hiernaar verleggen, dan wordt het online nieuwslandschap wel zeer arm. Zelf hoop ik vooral op minder content die je toch al elders kan lezen, meer eigen nieuws, betere invalshoeken en dingen die verder gaan dan de waan van de dag, zonder jezelf tot het Orakel van België te verheffen.

In alle ernst wens ik Newsmonkey.be vooral een goede sales toe. De markt zal bepalen of er ruimte is voor een nieuwe pageviewvreter, maar het zijn scherpe verkopers die uiteindelijk advertenties moeten slijten die op hun beurt de lonen betalen. Net zoals ik niet leef van deze reclameloze blog, is er geen enkele journalist of webredacteur die wordt betaald zonder dat er tenminste één advertentie naast zijn stuk staat. Nice to know? Nope. Good to know? Zeker.

Nieuwe winnaars
De ultieme natte droom, op journalistiek vlak tenminste, is dat dit hoofdstuk nieuwe winnaars naar boven brengt. Sites die gebruiksvriendelijker zijn dan sommige draken van websites die we nu hebben. Artikels die zowel de klik binnenhalen als de lezer verrijken met inzicht en hopelijk nieuwssites die de kaart trekken van steengoede content die je elders niet kan lezen. Op zo'n site wil ik blijven plakken. Op zo'n site wil ik mijn informatie krijgen.

Ohja, het filmpje onderaan heeft geen enkele link met de tekst hierboven. Maar zo blijft u nog iets langer hangen bij deze blogpost.

30 september 2013

Lookalikes

Zou Guy Vanhengel (Open Vld) familie zijn van Stephen Elop (Nokia/Microsoft)?

Labels: , ,

23 september 2013

Exit mailbox

Ik email niet meer.

De laatste weken dringt het tot mij door. Als er een tabblad open staat dan is het Facebook, als het er drie zijn dan is het soms met Twitter of een nieuwssite er bij. Gmail? Amper nog. Waarom? Om berichten te verwijderen die er geen zijn.



Krijg ik minder mail? Helaas niet. De werkmailbox puilt uit. Losse en zakelijke contacten doen het met privéberichten op LinkedIn, vrienden doen het via Facebook(chat) en daartussen zit nog een deel Teamspeak, Whatsapp en zelfs Snapchat. Maar hoeveel mails heb ik uitgewisseld met personen van vlees en bloed? Sinds september welgeteld drie, waarvan ééntje met de vriendelijke medewerker van mijn telecomoperator.

Moet ik mijn account opzeggen? Neen. Email is nog steeds de verzamelbak voor alle verificaties, wachtwoordresets en nieuwsbrieven. Vreemd genoeg is mijn emailadres meer dan vroeger de ruggengraat van mijn online identiteit. Maar net zoals een ruggengraat bijna onzichtbaar en onmerkbaar. Tot er iets mee scheelt natuurlijk.

Moet ik het jammer vinden? Daar ben ik nog niet uit.
Vroeger kon ik er zo van genieten, een hele pagina krijgen en dan weer een al even langdradig verhaal terugsturen. Vandaag is daar te weinig tijd voor. En de kleine invallen, die plotse drang om iemand te horen, is al lang vervangen door een chatbericht. Net zoals de meeste van  mijn potentiële blogberichten vandaag zijn omgezet in tweets en facebookposts. Het voelt ironisch aan. Zelden zo rijk kunnen communiceren en zelden zo weinig te vertellen.

06 april 2013

Pas op voor DE pedofiel!


Op Facebook zag ik recent een waarschuwing voorbijkomen. “Mensen het kenteken van het kinderlokker busje is:” gevolgd door een Nederlandse nummerplaat met beschrijving van het busje.


Het kan aan een voor mij onbekend ouderschapshormoon liggen, maar op momenten dat sommige ouders zulke boodschappen zien, verdwijnt elke vorm van logisch denken. Er ontpopt zich een tijdelijk syndroom van Down waarbij ze enkel nog in staat zijn om de afbeelding te delen, liefst met bemoedigende woorden als “dat ze hem maar rap pakken, de snoodaard” (oké, ze zeggen klootzak, maar snoodaard is een mooi woord).

Begrijp me niet verkeerd. je moet mensen waarschuwen als er daadwerkelijk een kinderlokker is opgemerkt. Maar deel dan echte informatie, niet een hoop woorden die samen min of meer een zin vormen.

Wat is het verschil?
De afbeelding (met de tekst op) werd op mijn facebookwall gedeeld door ouders uit Vlaanderen. Die hadden het op hun beurt van een man uit Nederland die zo’n honderd kilometer verder woonde. Ik kon niet achterhalen hoe oud de waarschuwing was, of ze afkomstig was van de politie, een slachtoffer, ouder of getuige en er is vooralsnog geen enkele zekerheid dat de nummerplaat effectief van een kinderlokker is.

“Jamaar als ze dat zo schrijven dan zal dat toch kloppen?”
Niet helemaal... Stel nu dat ik een loodgieter ben die overhoop ligt met een concurrerende loodgieter in dezelfde stad. Het is een kleine moeite om een roddeltje te verspreiden (of de afbeelding te maken) met zijn nummerplaat. Het ding gaat viraal en het is een kwestie van weken voor de banden worden platgestoken of erger, de man zelf. Om nog maar te zwijgen van het stigma in de komende jaren.

Het is een extreem voorbeeld, maar niet ondenkbaar. Bovendien maken sociale media het heel makkelijk om zonder enige moeite of kennis van zaken dingen te verspreiden die lijken op correcte informatie, maar het helemaal niet zijn.

Beste ouder: als u informatie deelt, zelfs al heeft u maar 10 vrienden op Facebook, zelfs al bedoelt u het goed, het is niet alleen uw taak om mensen te waarschuwen voor kinderlokkers, het is nog meer uw taak om er voor te zorgen dat u geen onzin uitkraamt waarvan u niet zeker weet of het niet meer miserie veroorzaakt dan oplost.

Hoe dan wel?
Wil u effectief iets bijdragen? Hou u dan aan een aantal regeltjes van het gezond verstand.

-Deel informatie van betrouwbare bronnen. Uw facebookvriend die het heeft van een andere facebookvriend is dat niet. De politie, Child Focus en opsporingsprogramma’s op tv zijn dat wel. De schooldirectrice of leerkracht is dat ook, op voorwaarde dat zij degene zijn die het hebben vastgesteld of van een andere betrouwbare bron hebben

-Deel bij voorkeur links van betrouwbare websites (bv de politie) in plaats van afbeeldingen die door eender wie kunnen worden verspreid. Als de persoon in kwestie is opgepakt wordt zo’n pagina meestal aangepast, een foto op Facebook niet.

-Gebruik uw gezond verstand: Kinderlokkers kunnen zich verplaatsen (uiteraard, want ze hebben een pedo-busje), maar als de waarschuwing bedoeld is voor een kleine gemeenschap in Nederland komt, dan heeft het weinig nut die gegevens voor uw Belgische vrienden te delen. Als u dan toch moet waarschuwen voor busjes, doe het dan in de eerste plaats voor de bussen en auto’s in de straten waar uw kind in wandelt of fietst. Die neigen er ook al eens eentje mee te nemen en die komen ook niet terug.

-Wil u weten hoe het beter kan? Zo bijvoorbeeld: “Opgepast ouders van school ***, ons klein Chelseake werd vandaag (19/02/13) bijna meegelokt door ne grote meneer met ne lekstok in een fluo roze Opel Vivaro”. Duidelijk naar wie het is gericht, wanneer het gevaar zich stelt en waar het nieuws vandaan komt. Maar doe misschien eerst aangifte bij de politie.

--
Ohja, hetzelfde geldt voor oproepen over vermiste kinderen. Deel de link van Child Focus of de politie, maar gebruik niet zomaar een random facebookfoto met veel te veel persoonlijke informatie die bovendien nog drie maanden na het terugvinden blijft circuleren.


Met dank aan De Hoax-wijzer dat de missingen rond bovenstaande melding al eerder had opgesomd.

19 februari 2013

(rip)

Gewapend met woorden een verhaal vertellen, een betoog afsteken. Maar terwijl hij dat doet ook de fijne maar zo belangrijke details terloops vermelden. Opbouwend naar een groter geheel, maar al snel duidelijk makend dat er een verdomd goede reden is om het te schrijven.

Waar het om gaat wordt in een andere context geplaatst. Dit vergezeld van subtiele smaakverfijners. Geen grapjes maar fijne verwoordingen die de achterban van je geest kleine binnenpretjes geven. Zo subtiel dat het lijkt alsof het de woorden zelf zijn die in die volgorde besluiten te liggen.

Terwijl de tekst bij elke alinea dieper in je geest afdaalt, komt de verlossing. Een statement, een conclusie, de 'moral of the story.' Iets waar u als lezer naar verlangt, maar ook voor vreest. Want nadien valt er niets mee te lezen.
---

Bedankt (pdw). Ik heb je nooit persoonlijk gekend, maar ik ben je dankbaar omdat ik heb geleerd en genoten van je pen.

10 september 2012

YouTube-tips voor politici

Ik hou van verkiezingen als hoogdag van de democratie. Maar tegelijk krijg ik het enorm op mijn heupen van de talloze verkiezingsstunts. Stunt is zelfs een te groot woord. 'Hopeloze pogingen om in de media te komen en je daarom gedragen als een puber een kwartier voor zijn ontmaagding' lijkt me een betere omschrijving. Maar 'stunts' bekt nu eenmaal beter.

Vandaag trok dit filmpje mijn aandacht. Fout, hilarisch en vooral typerend voor lokale verkiezingen. Helaas ook slecht voor de Steven in kwestie.
Waarom? De man in kwestie heeft nationale media-aandacht. Ongetwijfeld goed voor een aantal extra stemmen in zijn eigen gemeente. Maar tegelijk gaat volgens mij niemand die man nog serieus nemen als hij effectief verkozen raakt. Of erger: niet verkozen raakt en nadien ergens moet gaan werken/solliciteren/spreken/klanten werven enz...

Long story short: bent u een lokale politicus en wil u per sé 'iets met YouTube' doen. Hou dan het volgende in acht:

Stop met klagen en zagen
"Zes jaar wanbeleid, onze burgemeester heeft niks gedaan om de gemeentelijke sporthal rolstoelvriendelijk te maken", geïllustreerd met de kandidaat die voor de bewuste zaal staat. NEEN.

Als insider zal het u misschien verbazen, maar veel Vlamingen zien politici als zageventen. Hou uw verwijten voor een debat, niet voor uw eerste (en misschien enige) kennismaking met de kiezer. Het filmpje gaat om u, niet om alles wat slecht kan zijn aan uw tegenstander.

KISS: Keep it short and simple
"Ik ben Rudy en ik ga voor betaalbare woningen, een groot windmolenpark en een verkeersvrije grote markt." Drie, maximaal vijf punten die mensen onthouden en herkennen. Geen dramaverhaal van vijf minuten. Kort = Krachtig.

Geen "Ik hou van mijn stad"
Natuurlijk hou je van de stad, anders zou je er niet wonen. Ik hou ook van Aarschot maar ik betwijfel of ik de juiste burgemeester zou zijn. Zeg wat je wil doen (zie tip 2), niet hoe geweldig pro je bent voor je eigen stad. Dit komt over als een moeder die elke dag op Facebook zegt dat ze haar kinderen doodgraag ziet. Leuk om (soms) te vermelden, niet om het op YouTube te zetten.

Doe normaal
Superman spelen, dansen, rappen, verkleden. Leuk en heel soms ludiek, maar tenzij je een enorm charismatische kandidaat bent met genoeg bekendheid ga je als een enthousiaste Chirojongen overkomen. Wees vooral jezelf want alles wat je niet bent valt des te harder op in zo'n filmpje.

"Maar ik ben echt een vrolijke Frans!" Tof voor jou Frans, maar dat weten jou vrienden en familie, niet de kiezer die jij wil bereiken. Ik ben ook best een vrolijke jongen maar als er een camera op mijn gezicht staat dan wil ik rustig, vlot en (vooral) betrouwbaar overkomen. Niet te stijf, maar ook geen losgeslagen kip zonder kop.

Overschat jezelf niet
Veel lokale politici hebben de microbe gekregen via een aantal geslaagde filmpjes van collega's en gaan met vol enthousiasme voor de camera staan in de hoop hetzelfde te bereiken. Neen. Net zoals ik niet het charisma van een David Letterman heb, heb jij niet het charisma van Barack Obama.

Waarom? Talloze redenen maar de twee die je met de voeten op de grond zetten zijn ervaring en omgeving. Nationale en internationale politici hebben en jarenlange ervaring, zowel in de politiek als met het omgaan met media, kiezers, debatten, en campagne voeren.

Omgeving: omdat diezelfde topkandidaten vaak ondersteund worden door een team van communicatiedeskundigen, mediatraining krijgen of gewoon heel goede medewerkers hebben waar ze al jaren op vertrouwen. Onderschat niet wat er op de achtergrond gebeurt. Maar dat weet u als politicus ongetwijfeld beter dan ik.